‘Op een dag kwam ze in een nieuwe outfit naar de poli, vol in de make-up’

Column

13 mei 2026 –

Het was mijn allereerste patiënt op de poli als diabetesverpleegkundige in opleiding. Ik had de basiskennis, maar nog niet de ervaring. Daarom dacht ik: ik ga gewoon met haar praten. Niet meteen over medicijnen en cijfertjes, maar eerst verbinding maken.

‘Ik ben gewoon dom’, zei ze. Ze lachte, maar haar blik sprak boekdelen. Bea (52), licht verstandelijk beperkt, woonde sinds kort bij haar broer en schoonzus. Ze sliep op de bank, kwam het huis niet uit en at de hele dag door. Ze was moe, somber en had weinig regie. We moesten het over haar diabetes hebben, maar ik besloot dat nog even te laten.

We praatten eerst over haar hondje dat ze had moeten achterlaten, over haken, kleuren en haar liefde voor nagellak. Langzaam groeide haar vertrouwen. Ik paste mijn begeleiding aan op haar tempo: geen standaardadviezen, maar kleine stapjes.

Ze at elke nacht twee boterhammen met jam, waardoor haar glucose soms opliep tot 24 mmol/l. Die piek gaf veel spanning. Om dat op te vangen spoot ze ’s nachts kortwerkende insuline. Niet ideaal, maar wel een eerste verbetering en motivatie om ook overdag insuline te gaan spuiten. Al snel stelde zíj de vragen: ‘Wat mag ik dan wel eten?’ ‘Waar zitten genoeg groenten in?’

We hadden een deal: als het niks zou worden, zou ik trakteren

Toen ze een paar maanden later openstond voor een glucosesensor, ging het snel. Ze kreeg inzicht, leerde betere keuzes maken en werd zichtbaar trots als haar insuline omlaag kon of wanneer ze niet had gesnoept.

De kilo’s vlogen eraf. Op een dag kwam ze in een nieuwe outfit naar de poli, vol in de make-up. ‘Kijk, Kevin! Zie ik er niet mooi uit? Ik ben al tien kilo kwijt!’ En ik straalde minstens zo hard mee.

We hadden een deal: als het niks zou worden, zou ik trakteren. Als het wél lukte en ze terug mocht naar de huisarts, dan zij. Vorige week kwam Bea voor haar laatste consult, met twee suikervrije gebakjes. ‘Want’, zei ze, ‘gelukkig had je gelijk.’ Ze geniet inmiddels weer van haar hobby’s en gaat wekelijks naar de bingo.

Dit is waarom ik van dit vak houd. Je helpt niet alleen het lijf, maar ook het leven. Met geduld en inlevingsvermogen kun je een wereld van verschil maken. En soms krijg je daar zelfs gebak voor terug.

Kevin van de Scheur (34) werkt als diabetesverpleegkundige in opleiding bij het Rijnstate ziekenhuis. Hij woont samen met zijn partner, hond en twee katten in Apeldoorn. Zijn vrije tijd brengt hij door met vrienden en familie, gamen en wandelen op de Veluwe. Daarnaast schrijft hij kinderverhalen.

Vorig bericht

Je Leefstijl als Medicijn ondersteunt mensen bij leefstijlveranderingen

Volgend bericht

Van drie dieetbriefjes tot zelfmanagement en technologie