Op weg naar één nieuwe diabetesrichtlijn: waarom deze herziening hard nodig is

De diabeteszorg verandert razendsnel. Nieuwe sensoren, andere injecteerbare diabetesmedicatie en vooral veel meer aandacht voor zelfmanagement door mensen met diabetes. Hoe zorg je er als diabetesverpleegkundige voor dat je de juiste ondersteuning, begeleiding en educatie biedt, volgens de nieuwste wetenschappelijke inzichten? Deze ontwikkelingen vragen om een herziening van de huidige diabetesrichtlijnen.

Sue Holleman werkt als verpleegkundig specialist bij Diabeter. Daarnaast is ze lid van de richtlijnencommissie van V&VN Diabeteszorg

Wij zijn er trots op dat we jarenlang hebben gewerkt volgens eerder door ons ontwikkelde richtlijnen. Maar om up-to-date te blijven, is het nu tijd om twee bestaande richtlijnen samen te voegen en te herzien tot één toekomstbestendige, praktische en breed toepasbare diabetesrichtlijn. Een richtlijn voor iedereen die werkt met volwassenen met diabetes, en in het bijzonder voor diabetesverpleegkundigen.

Waarom is deze update nodig?

De huidige richtlijnen — Zelfcontrole (2012) en Insuline injecteren met de insulinepen (2017) — waren destijds belangrijke mijlpalen voor de EADV (Eerste Associatie van Diabetesverpleegkundigen). Ook vandaag bieden ze nog waardevolle inhoudelijke handvatten voor zelfcontrole met vingerprik en glucosemeter en voor het toedienen van insuline met de pen.
Maar de diabeteszorg staat niet stil. Juist daarom is het nodig deze belangrijke richtlijnen te actualiseren. Sensoren voor glucosemonitoring worden steeds vaker ingezet en naast insuline zijn er inmiddels meerdere nieuwe diabetesgeneesmiddelen beschikbaar. Tegelijkertijd groeit het aantal mensen met diabetes nog altijd. Volgens het Diabetes Fonds stijgt het aantal mensen met diabetes van 1,2 miljoen nu naar 1,5 miljoen in 2040. Dat betekent dat steeds meer zorgprofessionals, in alle sectoren, met diabeteszorg te maken krijgen.
Een nieuwe richtlijn moet daarom niet alleen actueel zijn, maar ook goed aansluiten bij de dagelijkse praktijk van verpleegkundigen, diabetesverpleegkundigen, verpleegkundig specialisten, praktijkondersteuners, artsen, diëtisten en verzorgenden.

‘Ik wil dat onze richtlijnen de ontwikkelingen in de praktijk weerspiegelen en ondersteunen’

Wie gaat dit doen?

Het ontwikkelen of herzien van een richtlijn kost veel tijd en geld. Het vraagt om specifieke wetenschappelijke expertise, maar ook om inhoudelijke kennis en enthousiasme vanuit het werkveld.
Voor de nieuwe diabetesrichtlijn is subsidie toegekend door ZonMw. Voor de benodigde tijd en expertise is de samenwerking tussen het V&VN Kennisinstituut en de V&VN-afdelingen onmisbaar. V&VN Diabeteszorg en het netwerk Verpleegkundig Specialisten Diabetes zijn met vijf leden goed vertegenwoordigd in de werkgroep. Daarnaast zitten twee praktijkondersteuners, een wijkverpleegkundige en een vertegenwoordiger van Diabetesvereniging Nederland (DVN) in de werkgroep omdat ook het patiëntperspectief van groot belang is.
Naast de werkgroep is er een klankbordgroep met vertegenwoordigers van onder andere de Nederlandse Internisten Vereniging (NIV), Nederlandse Vereniging van Diëtisten (NVD), Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers (NVZA), Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP), Diabetes Huisartsen Advies Groep (DiHAG) en diabetesverpleegkundigen.

Wat is mijn rol?

Zelf ben ik ingestapt als voorzitter van de werkgroep, omdat ik het belangrijk vind om mij in te zetten voor steeds betere diabeteszorg. Ik wil dat onze richtlijnen de ontwikkelingen in de praktijk weerspiegelen en ondersteunen. Daarnaast vind ik het inspirerend, leerzaam en boeiend om samen met andere professionals aan de slag te gaan en de diabeteszorg vanuit verschillende perspectieven te bekijken.

Wat gaan we doen?

De nieuwe richtlijn wordt geen eenvoudige update, maar een grondige herziening. Er worden nieuwe richtlijnmodules ontwikkeld. Een aantal bestaande modules blijft behouden, als deze nog actueel zijn.
De modules richten zich op verschillende thema’s. Denk aan glucosemonitoring, zoals vingerprikken en sensorgebruik, zelfmanagement, het beoordelen van gegevens, injectietechnieken, prikangst, psychosociale ondersteuning bij het gebruik van subcutane medicatie en de taakverdeling binnen de keten.
Ook is er extra aandacht voor verschillende doelgroepen, zoals ouderen met dementie, mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden of laaggeletterdheid, mensen met een migratieachtergrond en mensen met een lichamelijke beperking, zoals slechtziendheid.

Een zorgvuldig en intensief proces

Het ontwikkelen van een richtlijn is een zorgvuldig en transparant traject. Het Kennisinstituut van V&VN begeleidt het proces en zorgt voor een wetenschappelijk onderbouwde aanpak, maar de inhoud komt uit het werkveld.

Op een later moment kun je meedoen aan de proefimplementatie of reageren in de commentaarfase via V&VN Diabeteszorg

Het proces bestaat uit drie fasen:

  1. Voorbereiding
    In de zomer van 2025 startte de werving van werkgroepleden en klankbordgroepleden. Ook werd een landelijke knelpuntenanalyse uitgevoerd om in kaart te brengen waar de nieuwe richtlijn aan moet voldoen en welke vragen er leven in de praktijk.
  2. Ontwikkeling
    Hier gebeurt het echte werk. Uitgangsvragen worden opgesteld, PICO’s uitgewerkt en literatuur wordt beoordeeld op bewijskracht. Daarnaast wordt het patiëntperspectief opgehaald via interviews, vragenlijsten of focusgroepen. Vervolgens gaat de werkgroep aan de slag met de input uit de literatuur, het patiëntperspectief en de eigen praktijkervaringen. Dit leidt uiteindelijk tot aanbevelingen.
    De richtlijn wordt dus gebaseerd op wetenschappelijke literatuur, patiëntperspectief én de expertise van zorgprofessionals. Tijdens deze fase wordt regelmatig feedback gevraagd aan de klankbordgroep. Klopt dat wat we ontwikkelen? Sluit het aan bij de praktijk? Hebben we voldoende oog voor het grotere geheel van de diabeteszorg?
  3. Afronding
    In de afrondingsfase volgen een proefimplementatie — het uittesten van de richtlijn in de praktijk — en een commentaarronde onder alle betrokken beroepsgroepen en andere partijen. Daarna wordt de richtlijn geautoriseerd en gepubliceerd. Ook wordt gewerkt aan praktische hulpmiddelen, zoals een samenvattingskaart, patiënteninformatie, vragen voor de Kennisquiz en materialen voor de proefimplementatie.
    Het volledige traject loopt naar verwachting van maart 2025 tot september 2027.

Hoe kun je betrokken zijn?

De werkgroep is inmiddels compleet. Wel is er nog ruimte voor een aantal zorgverleners om aan te sluiten bij de klankbordgroep. Leden ontvangen stukken ter beoordeling en geven feedback vanuit hun eigen expertise.
Daarnaast kun je op een later moment meedoen aan de proefimplementatie of reageren in de commentaarfase via V&VN Diabeteszorg. Ook worden via nieuwsbrieven en het magazine regelmatig vragen gesteld en updates gedeeld.
Jouw ervaring en inzichten zijn waardevol voor een richtlijn die echt werkt in de praktijk.

Kennisinstituut V&VN

Het Kennisinstituut V&VN ontwikkelt en verspreidt kennis voor verpleegkundigen, verzorgenden IG en verpleegkundig specialisten. Op basis van signalen uit de praktijk en actuele maatschappelijke thema’s maakt het instituut evidence-based richtlijnen en kennisproducten die bijdragen aan betere zorg en een sterkere beroepsuitoefening.

Vorig bericht

Scholingsagenda najaar 2026 – bekijk het aanbod en schrijf je in

Volgend bericht

Lipohypertrofie bij diabetes – een oude complicatie met nieuwe behandelperspectieven