Hybrid closed loopsystemen tijdens zwangerschap: waar staan we in 2025?

Diabetestechnologie

18 sep 2025 –

Zwangerschap bij vrouwen met type 1 diabetes blijft een complexe puzzel. Voor moeder én behandelteam is het telkens balanceren: we streven naar extreem strakke glucoseregulatie om de kans op complicaties zoals aangeboren afwijkingen, macrosomie, pre-eclampsie en vroeggeboorte zo klein mogelijk te maken. 

De internationale richtlijnen (1,2) zijn duidelijk: streef naar een HbA1c <6% (42 mmol/mol) bij conceptie (of <7% (53 mmol/mol) indien hypoglykemie een risico vormt, een nuchtere glucose <5,3 mmol/l en 1 uur postprandiaal <7,8 mmol/l (of <6,7 mmol/l na 2 uur). Bovendien wordt een pregnancy Time-in-Range (TIRp, 3,5–7,8 mmol/l) van >70% en een Time-Below-Range (TBRp, <3,5 mmol/l) van <4% aanbevolen.

Deze doelen zijn echter moeilijk te bereiken. In het eerste trimester dalen de insulinebehoeften beperkt, wat het risico op hypo’s vergroot. Vanaf week 20 stijgt de insulineresistentie snel, waardoor postprandiale pieken vaker voorkomen en de insulinebehoefte in het derde trimester tot twee keer zo hoog kan zijn als vóór de zwangerschap (3).

De opmars van hybrid closed loop-systemen

De laatste jaren heeft de introductie van HCL-systemen een nieuw tijdperk ingeluid in de behandeling van type 1 diabetes tijdens de zwangerschap. Grote studies zoals AiDAPT (4) en CRISTAL (5) laten zien dat zwangere vrouwen met HCL-systemen een gemiddeld hogere TIR behalen (ca. 67–68%) dan vrouwen met conventionele behandeling. Ernstige hypo’s of ketoacidose komen niet vaker voor, mits goede begeleiding. Toch blijft het aandeel vrouwen dat daadwerkelijk de >70% TIRp haalt beperkt; de streefwaarden zijn dus nog steeds uitdagend, ook met deze technologie.

Op dit moment is alleen het CamAPS FX (mylife Loop) systeem officieel goedgekeurd voor gebruik tijdens de zwangerschap. Andere systemen zoals MiniMed 780G, Tandem Control-IQ, Omnipod 5 en diverse open-source oplossingen worden off-label gebruikt, maar leveren in de praktijk eveneens goede resultaten op. De internationale ADA-richtlijn (1) adviseert bij voorkeur een systeem met zwangerschaps-specifieke targets (zoals CamAPS FX), maar andere HCL-systemen zijn ook mogelijk, mits er begeleiding is door een ervaren diabetesbehandelteam.

Let op: de grens voor hypoglykemie ligt bij zwangerschap lager, namelijk op 3,5 mmol/l in plaats van 3,9 mmol/l

Hoe ga je om met veranderende insulinebehoefte?

Zwangerschap betekent continu veranderende insulinegevoeligheid. Hoe kun je als zorgverlener én patiënt daar optimaal op inspelen? De sleutel is: regelmatig instellingen aanpassen én actief samenwerken.

  • Instellingen regelmatig optimaliseren:
    Iedere 1-2 weken moet het diabetesbehandelteam de instellingen evalueren: glucosestreefwaarde, koolhydraatratio, basaalprofiel, insulinegevoeligheid en het gewicht (afhankelijk van welke parameters het HCL-systeem beïnvloeden). In systemen zoals MiniMed 780G moet men voorzichtig zijn met te agressieve koolhydraatratio’s, want dan treedt de ‘safe meal bolus’ in werking. In dat geval is het beter om de ratio te verzwakken en extra ‘valse koolhydraten’ toe te voegen aan maaltijdbolussen (bijvoorbeeld 20-100% extra).
  • Pre-bolussen:
    Het is heel belangrijk om voor de maaltijd te bolussen. In het eerste trimester volstaat vaak 15 minuten voor de maaltijd een bolus, maar in het derde trimester kan dit oplopen tot 30 à 40 minuten. Volg eventueel de CGM: neem de maaltijd zodra je een lichte glucosedaling ziet.
  • Hyperglykemie actief corrigeren:
    Stel een hoog alarm in boven 8 à 9 mmol/l. Corrigeer zo nodig met een handmatige bolus (met de boluscalculator) of gebruik systeemopties zoals ‘boost’ bij CamAPS FX. Beperk manuele correcties tot maximaal één per twee uur om insuline stacking te voorkomen. Bij sommige systemen (zoals MiniMed 780G) kun je zo nodig met ‘valse koolhydraten’ werken als een bolus anders niet mogelijk is.
  • Hypo’s niet overcompenseren:
    Start met 5–10 gram snelle koolhydraten bij een hypo. Controleer bij twijfel met een vingerprik voor een tweede behandeling. Let op: de grens voor hypoglykemie ligt bij zwangerschap lager, namelijk op 3,5 mmol/l in plaats van 3,9 mmol/l.
  • Let op de voeding:
    Goede glykemiecontrole start met het voedingsadvies van de diëtist. Kies voor complexe (trage) koolhydraten en voldoende vezels, en geef de koolhydraten correct in. 

Bevalling en postpartum: wat met de pomp?

Tijdens de bevalling kan het HCL-systeem vaak gewoon blijven functioneren (6,7), mede in overleg met de gynaecoloog. Bij onvoldoende glykemiecontrole of complicaties zoals een ernstig zieke moeder, verminderd bewustzijn of tekort aan pompmateriaal, is overschakelen op een intraveneuze insulinedrip wel noodzakelijk.
Na de bevalling daalt de insulinebehoefte abrupt met ca. 50%. Het is verstandig om direct postpartum de instellingen aan te passen naar een voorbereid postpartumprofiel.

Tot slot

HCL-systemen zijn een grote stap vooruit in de zorg voor zwangere vrouwen met type 1 diabetes. Toch blijft het een intensief traject waarbij technologie, teamwerk en educatie hand in hand gaan om de kans op een gezonde moeder en baby te maximaliseren.

Meer weten?

Bekijk de praktische adviezen per systeem op diabetotech.com/HCLinzwangerschap.

Vorig bericht

Kinderarts Robbert-Jan van Lemmen en DVK Yvonne Vergeer over SKD-zomerkamp

Volgend bericht

Val je minder af met dieet van ultra-bewerkt voedsel, ook al is het ‘gezond’?