Hoe vraag je naar kruiden- en supplementengebruik bij diabetes?

Diversiteit

Veel patiënten met een migratieachtergrond gebruiken naast hun reguliere geneesmiddelen kruiden, kruidentheeën, supplementen of andere traditionele middelen. Dit gebruik kan voorkomen bij diabetes, hypertensie, hart- en vaatziekten, luchtwegklachten, hoofdpijn en spier- en gewrichtsklachten.
Patiënten melden dit gebruik niet altijd spontaan. Een belangrijke reden is dat kruiden vaak worden gezien als voeding, thee of een natuurlijk middel en niet als geneesmiddel. Daarnaast kunnen traditionele middelen onderdeel zijn van familiegewoonten en culturele gezondheidspraktijken.

Voor zorgverleners is het daarom belangrijk om hier actief, neutraal en zonder oordeel naar te vragen. ‘Natuurlijk’ betekent immers niet automatisch ‘veilig’. Vooral geconcentreerde extracten, capsules, oliën en samengestelde kruidenpreparaten kunnen farmacologisch actief zijn en mogelijk een wisselwerking hebben met reguliere geneesmiddelen.

Deze handreiking biedt achtergrondinformatie, praktische gespreksvragen en klinische aandachtspunten. Het document is geen behandeladvies en geen volledig interactieoverzicht.

Waarom is dit onderwerp belangrijk?

Nederland heeft een cultureel diverse bevolking. Patiënten brengen verschillende tradities, voedingsgewoonten en opvattingen over gezondheid en ziekte mee in de zorg.

De HELIUS-studie onderzocht onder andere Nederlandse, Zuid-Aziatisch-Surinaamse, Afrikaans-Surinaamse, Ghanese, Turkse en Marokkaanse Amsterdammers. De studie liet verschillen zien in diabetesprevalentie, risicofactoren en zorguitkomsten tussen bevolkingsgroepen. [1]

Ook Nederlands onderzoek naar diabetes type 2 laat verschillen zien tussen migrantengroepen en mensen zonder migratieachtergrond in onder andere het bereiken van HbA1c- en LDL-doelen. [2]

Deze verschillen onderstrepen het belang van cultureel afgestemde communicatie over voeding, leefstijl, medicatie en zelfmanagement. Daar hoort ook het bespreken van traditioneel kruidengebruik bij.

Gebruik de culturele achtergrond als ingang voor het gesprek, maar niet als uitgangspunt voor aannames

Culturele achtergrond is geen voorspeller van individueel gebruik

Een culturele achtergrond betekent niet automatisch dat iemand bepaalde kruiden gebruikt. Binnen iedere culturele groep bestaan verschillen naar generatie, regio van herkomst, migratiegeschiedenis, leeftijd, familiegewoonten en persoonlijke overtuigingen. Gebruik de culturele achtergrond daarom als ingang voor het gesprek, maar niet als uitgangspunt voor aannames.

De werking, interactie en veiligheid van (geneeskrachtige) kruiden

Onderstaande tabel benoemt de verschillende kruiden en middelen, de mogelijke klinische relevantie en de aandachtspunten bij het gebruik hiervan in de praktijk. De tabel is een signaleringstool voor de zorgpraktijk. De aandachtcategorieën zijn indicatief en geen algemene uitspraak over veiligheid. Risico’s hangen onder meer af van soort, dosering, bereidingsvorm, productkwaliteit, comorbiditeit en geneesmiddelen.

Kruid/middelDoelgroep(en)Traditioneel gebruikMogelijke klinische relevantieAandacht
Zwarte komijn (zaad/olie)Turks, MarokkaansDiabetes, algemene gezondheidMogelijke invloed op glucose en metabole parameters; effect verschilt per bereidingsvormExtra aandacht bij insuline/glucoseverlagers en geconcentreerde olie/extracten
FenegriekMarokkaans, HindostaansBloedsuiker, spijsverteringMogelijke glucoseverlagende werking; interacties afhankelijk van product en doseringExtra aandacht bij glucoseverlagende medicatie en antistolling
Knoflook als supplementDiverse groepenHart- en vaatziektenKan invloed hebben op bloedplaatjesfunctie en bloedstollingExtra aandacht bij anticoagulantia en plaatjesremmers
Kurkuma/curcumine als supplementHindostaans, IndonesischOntsteking, gewrichtenFarmacologisch actieve bestanddelen; mogelijke interacties beschrevenNiet gelijkstellen aan culinair gebruik
Karela/bittere meloenHindostaans/Zuid-AziatischDiabetesMogelijke glucoseverlagende werkingExtra aandacht bij insuline en andere glucoseverlagers
Salie/essentiële olieTurks, MarokkaansVerkoudheid, keel, spijsverteringHoge blootstelling aan bepaalde bestanddelen kan ongewenste effecten gevenHoge doseringen en essentiële olie apart beoordelen
Gember als supplementAntilliaans, Indonesisch, diverse groepenMaag-darmklachten, verkoudheidMogelijke invloed op bloedplaatjesfunctie; klinische relevantie afhankelijk van dosis/productExtra aandacht bij antistolling
Bittere kruiden-/bittersmengselsSurinaams, Ghanees, AntilliaansPreventie, algemene gezondheid, “reiniging”Samenstelling kan sterk variërenProduct en ingrediënten altijd identificeren
TCM-kruidenformulesChineesDiverse klachtenMeerdere actieve bestanddelen; interacties kunnen moeilijk voorspelbaar zijnExacte productnaam en ingrediëntenlijst opvragen
Lindebloesem/munt als theeTurks, Marokkaans, diverse groepenOntspanning, spijsverteringBij normaal voedings-/theegebruik doorgaans minder blootstelling dan bij extractenBij supplementen/extracten opnieuw beoordelen

Specifieke aandacht bij diabetes

Vraag actief naar middelen die worden gebruikt om de bloedglucose te verlagen, zoals fenegriek, zwarte komijn en karela/bittere meloen. Maak onderscheid tussen voeding, thee en geconcentreerde supplementen. Een mogelijk glucoseverlagend effect kan klinisch relevant zijn in combinatie met insuline of andere glucoseverlagende medicatie. Traditionele middelen mogen geen reden zijn om bewezen diabetesbehandeling zelfstandig te stoppen of aan te passen.

Specifieke aandacht bij hart- en vaatziekten

Let op mogelijke effecten op bloedstolling, bloeddruk, hartfrequentie en vochtbalans. Bij anticoagulantia of plaatjesremmers moeten kruiden en supplementen actief worden uitgevraagd.

Specifieke aandacht bij astma en COPD

Kruidentheeën en kruiden zoals tijm, munt en salie worden traditioneel gebruikt bij hoest en keelpijn. Zij vervangen geen voorgeschreven inhalatiemedicatie. Het roken of inhaleren van kruiden kan luchtwegirritatie veroorzaken.

Hoofdpijn en musculoskeletale klachten

Munt, gember, kurkuma en andere kruiden worden traditioneel gebruikt bij hoofdpijn, spierpijn en gewrichtsklachten. Traditioneel gebruik betekent niet automatisch dat de werkzaamheid klinisch bewezen is. Noodzakelijke diagnostiek of bewezen behandeling mag niet worden vertraagd.

Waarom melden patiënten kruidengebruik niet altijd?

Patiënten kunnen kruiden zien als voeding of thee, het gebruik via familie hebben aangeleerd, bang zijn voor afkeuring of producten uit het land van herkomst gebruiken zonder Nederlandse bijsluiter. Neutraal en nieuwsgierig vragen verlaagt deze drempels.

Gespreksgids voor de zorgverlener

Welke vragen kun je stellen om meer zicht te krijgen op het gebruik van kruiden en supplementen van je patiënten?

DoeDoe liever niet
Vraag open: ‘Gebruikt u naast uw medicijnen ook kruiden, theeën of supplementen?’Vraag niet: ‘Gebruikt u Marokkaanse kruiden?’
Vraag naar exacte naam, verpakking en herkomst.Neem niet aan dat u weet wat iemand gebruikt.
Vraag of de patiënt een foto van het product kan laten zien.Vraag niet alleen naar capsules; denk ook aan thee, poeders, oliën en bitters.
Vraag waarvoor het middel wordt gebruikt en hoe vaak.Zeg niet direct: ‘Dat helpt toch niet.”
Bespreek mogelijke risico’s feitelijk en rustig.Gebruik geen angstaanjagende of afwijzende taal.
Leg uit dat ‘natuurlijk’ niet automatisch veilig betekent.Geef geen algemene uitspraak over de veiligheid van een hele kruidencategorie.

Praktische anamnesevragen

Welke vragen kun je stellen over het gebruik van kruiden en supplementen bij de anamnese?

  • Sommige mensen gebruiken naast hun voorgeschreven medicijnen ook kruidenthee, poeders, capsules of traditionele middelen. Is dat bij u ook zo?
  • Hoe heet het middel in uw eigen taal?
  • Staat er een naam op de verpakking?
  • Waar heeft u het gekocht of van wie heeft u het gekregen?
  • Waarvoor gebruikt u het?
  • Gebruikt u het dagelijks of alleen wanneer u klachten heeft?
  • Is het een thee, poeder, capsule, olie of extract?
  • Hoeveel gebruikt u per keer en hoe vaak?
  • Gebruikt u nog andere kruiden of supplementen?
  • Heeft u het gebruik besproken met uw huisarts, specialist, diabetesverpleegkundige of apotheker?

Praktische tip: vraag de patiënt om bij een volgend bezoek de verpakking mee te nemen of een foto van het product te laten zien.

Vijf stappen voor de zorgverlener

Met onderstaande vijf stappen krijg je zicht op het gebruik en de veiligheid van kruiden en supplementen die mensen mogelijk nemen.

Stap 1 – Uitvragen: Vraag actief en zonder oordeel naar kruiden, theeën, supplementen en traditionele middelen.

Stap 2 – Identificeren: Noteer indien mogelijk productnaam, botanische naam, ingrediënten, dosering, toedieningsvorm, frequentie en herkomst.

Stap 3 – Controleren: Gebruik een betrouwbare en actuele bron of overleg met de apotheker.

Stap 4 – Klinisch beoordelen: Beoordeel mogelijke risico’s zoals hypoglykemie, bloeding, bloeddrukverandering, nier-/leverschade en interacties.

Stap 5 – Bespreken: Bespreek de bevindingen samen met de patiënt en bevorder gezamenlijke besluitvorming.

Wanneer is extra voorzichtigheid geboden?

  • Polyfarmacie
  • Diabetes, vooral bij insuline of sulfonylureumderivaten
  • Anticoagulantia en plaatjesremmers
  • Nier- of leverfunctiestoornissen
  • Cardiovasculaire aandoeningen
  • Astma/COPD
  • Zwangerschap en borstvoeding
  • Geneesmiddelen met een smalle therapeutische breedte, zoals digoxine, lithium of warfarine.

Wetenschappelijke nuance

De beschikbare literatuur over traditioneel kruidengebruik is ongelijk verdeeld. Voor Surinamers is relatief veel Nederlands onderzoek beschikbaar. Ook voor de Marokkaanse bevolking zijn verschillende etnobotanische onderzoeken en reviews gepubliceerd. Voor andere culturele groepen is de Nederlandse literatuur over specifieke kruiden en toepassingen beperkter.

Het is essentieel onderscheid te maken tussen traditioneel gebruik, farmacologische activiteit en klinisch bewijs. Een traditioneel gebruikspatroon beschrijft wat mensen gebruiken; laboratorium- of dieronderzoek kan een mogelijke farmacologische activiteit laten zien; klinisch onderzoek bepaalt of een middel bij patiënten werkzaam en veilig is.

Dat een kruid traditioneel wordt gebruikt, betekent niet automatisch dat het werkzaam of veilig is

De belangrijkste boodschap voor de zorgpraktijk

Traditioneel kruidengebruik is een realiteit binnen de Nederlandse gezondheidszorg. Het hoeft niet tegenover reguliere geneeskunde te staan. Het belangrijkste is dat het gebruik zichtbaar en bespreekbaar wordt.

Vraag daarom niet: ‘Welke kruiden gebruikt deze bevolkingsgroep?’

Vraag liever: ‘Welke kruiden, supplementen of traditionele middelen gebruikt deze patiënt zelf?’

Door deze vraag structureel, neutraal en zonder oordeel te stellen, worden mogelijke interacties eerder gesignaleerd, kunnen risico’s beter worden beoordeeld, kan onbedoeld stoppen met noodzakelijke medicatie worden voorkomen en ontstaat ruimte voor gezamenlijke besluitvorming.

Culturele sensitiviteit betekent niet dat we aannames doen over wat iemand gebruikt. Het betekent dat we weten dát culturele gezondheidspraktijken kunnen bestaan en dat we het gesprek hierover actief openen.

Disclaimer

Deze handreiking is uitsluitend bedoeld voor educatieve doeleinden en als gesprekstool voor zorgprofessionals. De genoemde kruiden en traditionele toepassingen zijn geen behandeladvies en vormen geen bewijs van werkzaamheid of veiligheid.

De tabel is geen volledig farmacologisch interactieoverzicht. Het risico van een kruidenmiddel moet altijd individueel worden beoordeeld op basis van het specifieke product, de dosering, de bereidingsvorm, de comorbiditeit en de gebruikte geneesmiddelen.

Bij polyfarmacie, zwangerschap, lever- of nierfunctiestoornissen, antistolling, insulinegebruik of andere situaties met verhoogd risico is overleg met een apotheker, arts of klinisch farmacoloog aangewezen.

In de rubriek ‘Divers advies van Fatima’ gaat verpleegkundig specialist Fatima Malki in op onderwerpen die raakvlakken hebben met de multiculturele samenleving. Ook nodigt ze deskundigen uit, hun kennis te delen via deze rubriek.

Bronnen:

Dit artikel is geschreven op basis van praktijkervaring gedurende de 37 jaar werkzaam zijn in de zorg waarvan 27 jaar in de diabeteszorg

  1. Snijder MB, et al. Case Finding and Medical Treatment of Diabetes type 2 among Different Ethnic Minority Groups: The HELIUS Study. Journal of Diabetes Research. 2017;2017:9896849.
  2. Diabetes type 2 monitoring and control in migrants and non-migrants: A population-based cohort study in primary care in the Netherlands. Primary Care Diabetes. 2025.
  3. Ujcic-Voortman JK, et al. Diabetes prevalence and risk factors among ethnic minorities. European Journal of Public Health. 2009;19(5):511–516.
  4. van Andel T, Westers P. Why Surinamese migrants in the Netherlands continue to use medicinal herbs from their home country. Journal of Ethnopharmacology. 2010;127(3):694–701.
  5. Boutaj H, et al. A Comprehensive Review of Moroccan Medicinal Plants for Diabetes Management. Diseases. 2024;12(10):246.
  6. Ethnobotanical survey on herbal remedies for the management of diabetes type 2 in the Casablanca-Settat region, Morocco. BMC Complementary Medicine and Therapies. 2024;24:160.
  7. Chaachouay N, et al. Herbal medicine used in the treatment of cardiovascular diseases in the Rif, North of Morocco. BMC Complementary Medicine and Therapies. 2022.
  8. Chaachouay N, et al. Ethnobotanical and ethnopharmacological studies of medicinal and aromatic plants used in the treatment of metabolic diseases in the Moroccan Rif. 2019.
  9. Chaachouay N, et al. Ethnobotanical and ethnopharmacological study of medicinal plants used for respiratory disorders in the Moroccan Rif. 2019.
  10. Oosterberg E, et al. Chronic disease in ethnic minorities: tools for patient-centred care in diabetes, hypertension and COPD. 2013.
  11. Views and experiences of ethnic minority diabetes patients on dietetic care in the Netherlands – a qualitative study. BMC Public Health. 2019.
Vorig bericht

Effect metabole bariatrische chirurgie op gewichtsverlies en glykemische regulatie bij type 1 en obesitas

Volgend bericht

Werksessie nationale diabetes agenda op 24 september – Ga jij het verschil maken?