Als diabetesprofessional werk je met protocollen en richtlijnen. Maar wat als die protocollen zijn gebaseerd op gemiddelden die niet voor iedereen gelden? Steeds meer onderzoek laat zien dat etnische achtergrond invloed kan hebben op zowel het risico op diabetes type 2 als op de manier waarop patiënten reageren op medicatie. Het negeren van deze verschillen kan betekenen dat je kansen mist om vroegtijdig te interveniëren of juist onnodige bijwerkingen veroorzaakt.
Dit artikel is de eerste aflevering van een serie over farmacogenetica en genetische predispositie in relatie tot diabetes type 2 en diverse etnische achtergronden.
Twee invalshoeken
- Verschillen in risico en diagnostiek
Sommige bevolkingsgroepen ontwikkelen bij een lager BMI al insulineresistentie en diabetes type 2.- Voorbeeld: Hindoestanen hebben genetisch de neiging om meer visceraal buikvet op te slaan, wat leidt tot hogere kans op metabool syndroom, zelfs bij een BMI < 25.
- Verschillen in farmacologische respons
Genetische variaties in bijvoorbeeld leverenzymen (CYP-varianten) en transporteiwitten kunnen beïnvloeden hoe een medicijn wordt opgenomen, omgezet en uitgescheiden.- Voorbeeld: Een historische cohortstudie gericht op mensen met diabetes type 2 die met SU-derivaten werden behandeld, liet zien dat zwarte Caribische, zwarte Afrikaanse en Indiase mensen een significant verhoogde kans hebben op hypoglykemie vergeleken met witte Britse patiënten.
Waarom is dit belangrijk?
- Toename van diversiteit – In Nederland heeft een aanzienlijk deel van de mensen een migratieachtergrond.
- Nieuwe medicatiekeuzes – Met de komst van GLP-1-agonisten en SGLT2-remmers wordt farmacogenetica relevanter.
- Preventie en kostenbeheersing – Vroeg starten bij hoogrisicogroepen kan complicaties voorkomen, maar vraagt om maatwerk in de indicatiestelling.
Casus: een gemiste kans
Mevrouw Singh, 42 jaar, BMI 24, Hindoestaanse achtergrond. Tijdens de jaarlijkse controle blijkt haar nuchtere glucose 5,0 mmol/l. Volgens standaardcriteria geen directe reden voor start medicatie. Zes maanden later presenteert ze zich met duidelijke verhoogde glucose, nuchtere waarde 8,5 mmol/l en polyurie.
Analyse
Gezien haar Hindoestaanse achtergrond en daarmee verhoogd risico op diabetes type 2 had vroegtijdige leefstijlinterventie, en bij onvoldoende effect eventueel tijdige medicatie volgens richtlijnen, overwogen moeten worden.
Protocollen en etnische verschillen
Richtlijnen en protocollen bevorderen veilige, effectieve en uniforme gezondheidszorg gebaseerd op de best beschikbare evidence en professionele consensus. Tegelijkertijd wordt steeds duidelijker dat one size fits all niet opgaat binnen de zorg. Aandacht voor etnische verschillen bij de diagnostiek en het voorschrijven van medicatie kunnen bijdragen aan meer zorg op maat.
In de rubriek ‘Divers advies van Fatima’ gaat verpleegkundig specialist Fatima Malki in op onderwerpen die raakvlakken hebben met de multiculturele samenleving. Ook nodigt ze deskundigen uit, hun kennis te delen via deze rubriek. Dit artikel is de eerste aflevering van een serie over farmacogenetica en genetische predispositie in relatie tot diabetes type 2 en diverse etnische achtergronden.





